Natuur in de problemen, maar herstel is mogelijk

Dat is de boodschap van het Wereld Natuur Fonds (WNF) in het Living Planet Report dat deze maand verscheen. Hierin staat de relatie tussen natuur en landbouw centraal. Sinds 1990 zijn populaties wilde dieren in zowel open natuurgebieden zoals heide, als in het agrarisch landschap, gemiddeld gehalveerd. Diverse vogel-, vlinder- en reptielensoorten die vroeger algemeen voorkwamen zijn tegenwoordig zeldzaam. Van de boerenlandvogels behoren veldleeuwerik, patrijs en de kemphaan tot soorten die de sterkste daling laten zien. In bossen bleven dierpopulaties gemiddeld stabiel.

gele ratelaar in Lentevreugd

Het Living Planet Report concludeert dat herstel van biodiversiteit mogelijk is, maar doorzettingsvermogen vraagt. Er zijn forse investeringen nodig natuur en landbouw. WNF pleit voor een omslag naar natuurvriendelijke kringlooplandbouw. Boeren die die inspanning leveren moeten daarvoor voldoende worden beloond en gewaardeerd. Daarnaast pleit WNF voor het verbinden en vergroten van natuurgebieden. Herstel van biodiversiteit is een maatschappelijk opgave waaraan iedereen kan bijdragen.

WNF: “Dit is het moment om ons samen in te zetten voor een nieuwe relatie tussen natuur en landbouw, zodat iedereen kan genieten van een mooi landschap vol leven. Waar we in het boerenland koeien in de wei zien grazen en de hemel afspeuren op zoek naar de veldleeuwerik die we horen zingen.”

vrijwilligers aan het werk in Lentevreugd

Stichting Leeuwerikfonds zet zich al jaren in voor terugkeer van de veldleeuwerik in Lentevreugd. Elke donderdagochtend zijn vrijwilligers bezig een deel van het natuurgebied geschikt te maken als broedplaats voor deze prachtige vogel. Wij hopen dit voorjaar het gejubel van de veldleeuwerik te horen.

Vlinderstichting: “Veel dagvlinders achteruitgegaan”.

Op basis van tellingen door honderden vrijwilligers constateert de Vlinderstichting dat veel dagvlinders de afgelopen tien jaar achteruit zijn gegaan. Twee op de drie vlindersoorten ging achteruit. Daar zitten soorten bij die het al lang moeilijk hebben zoals de argusvlinder, maar ook algemeen voorkomende soorten als bont zandoogje en kleine vos. Dat de vlinders in Nederland het zo slecht doen komt in veel gevallen door een combinatie van factoren: verdroging, stikstofuitstoot en minder bloemen.

In Lentevreugd viel vorig jaar ook te merken dat de vlinders het zwaar hadden. De argusvlinder, kleine vos en heivlinder werden maar een paar keer gezien. Ook met de blauwtjes ging het niet goed. Er was een forse afname van het icarusblauwtje. Een lichtpuntje: 2019 was het jaar van de invasie van distelvlinders.

argusvlinder

Waar blijft de sneeuw?

Het zachte winterweer leverde 31 januari een warmterecord op in De Bilt. De temperatuur steeg naar 12,5 graden. Zo warm was het nooit eerder op de laatste dag van januari. Hoe anders was het precies een jaar geleden. Toen lag er sneeuw. Lentevreugd was gehuld in een witte deken.

vos in de sneeuw

Wintertanka

dode boom in mist
kou streelt zijn huid
en zegt: wacht maar af –
voorjaar zal je warmen
en geeft je een vogel
als vriend

©Henry van Sanderburg, winter 2019-2020

“Zij hadden hun schaapjes geteld”

Geen alledaags gezicht; schapen op het parkeerterrein van Lentevreugd. Ze hadden daarvoor een aantal dagen gegraasd in Berkheide en het Panbos. Op 12 december leidde de herder zijn kudde door Lentevreugd naar het parkeerterrein. Nadat de schapen daar een nacht hadden doorgebracht, gingen ze de volgende ochtend op weg naar Egmond.

Hoge bomen vangen veel wind

Het moest een keer gebeuren: de hoogste boom van Lentevreugd is om. Daar was weinig wind voor nodig. De populier was al een tijdje dood. En dat is vooral te wijten aan de paarden die in het gebied lopen. Konikpaarden zijn namelijk gek op de bast van populieren. Links van de omgevallen populier weet een eik zich staande te houden, ondanks de schuurplek van de grazers rechts onderaan. Wat dat betreft hebben de vlieren en wilgen het beter, want hun stammen worden beschermd door duindoorn- en braamstruweel.

omgevallen populier met links een eik en rechts vijf essen

Leeuwerikveld klaar voor het nieuwe broedseizoen

Over een paar weken is het Kerst, maar de vrijwilligers die elke donderdagochtend in Lentevreugd werken, kijken verder vooruit. Zij hebben de afgelopen maanden het Leeuwerikveld in Lentevreugd weer geschikt gemaakt als broedplaats voor de veldleeuwerik. Eerst wordt het terrein gemaaid. Vervolgens wordt het maaisel op wiersen geharkt en maakt een machine er balen van. Die balen zijn afgevoerd naar een compostbedrijf in Hoek van Holland.

Niet alleen het Leeuwerikveld is klaar voor het nieuwe broedseizoen van 2020, ook het Vlinderveld achterin het natuurgebied is klaar. De vrijwilligers hebben duindoorn, braam en meidoornopschot gerooid. De verwachting is dat er daardoor volgend jaar meer bloemen en kruiden zullen staan. En dat is gunstig voor de vlinders.

Vorst aan de grond

In de nacht van 29 op 30 oktober kwam het in Nederland op uitgebreide schaal tot lichte vorst. Ook in Lentevreugd.
Dat leverde mooie plaatjes op.

Hugo Woudenberg genomineerd als vrijwilliger van het jaar 2019

Hugo Woudenberg

Hugo Woudenberg – vrijwilliger bij Staatsbosbeheer – was door de Wassenaarse Vrijwilligerscentrale genomineerd als vrijwilliger van 2019 voor zijn werk in Lentevreugd. Helaas viel hij niet in de prijzen, maar de nominatie was eervol. Bij de prijsuitreiking op 11 oktober werd een film vertoond over het vrijwilligerswerk van een aantal genomineerden. Ook werd daarvoor gefilmd in Lentevreugd waar behalve Hugo Woudenberg ook Els Ganzevoort en Annemieke Jansen werden geïnterviewd. Klik hier voor de film; het gedeelte over Lentevreugd start bij 5.06 minuten.

Vrijwilligers aan de slag in Lentevreugd

herfstlucht

Het broedseizoen is voorbij en dat betekent dat de vrijwilligers van Staatsbosbeheer weer aan de slag zijn met het maaien van gedeeltes van Lentevreugd. Daarmee bevorderen zij de biodiversiteit in het natuurgebied en maken zij het onder meer geschikt voor de veldleeuwerik om er te broeden. Gerrit van Ommering was onlangs op bezoek en schreef er op de website van werkgroep Berkheide een blog over.